De bollen van Quist

De plaatsing van de waterbollen in 1970.

Het Eindhovense gemeentebestuur verstrekte aan professor Quist, die sinds mei 1968 als buitengewoon hoogleraar verbonden was aan de afdeling Bouwkunde aan de Technische Hogeschool, de opdracht een nieuwe watertoren te ontwerpen.

De Stratumse toren voldeed niet meer aan de eisen van de moderne tijd. Professor Quist kwam met een verrassend en futuristisch ogend ontwerp. De bollen oogstten al de nodige bewondering tijdens de presentatie van het ontwerp op de Zuidnederlandse Beurs in oktober 1968. De drie bollen lijken te balanceren op een ranke stalen steunconstructie. Een technisch zeer gedurfd ontwerp dat menigeen onuitvoerbaar achtte.

De bollen hebben elk een inhoud van 500 m3, wegen 60 ton en bevinden zich op 20, 25 en 30 meter hoogte en werken als communicerende vaten. De Stratumse toren kon 300 m3 water bergen. Een bijkomend voordeel van de drie bollen was dat elke bol apart buiten bedrijf kon worden gesteld in geval van schoonmaak- of reparatiewerkzaamheden. Met de bouw van de niet-alledaagse constructie zou ongeveer één tot anderhalf miljoen gulden gemoeid zijn, nauwelijks meer dan voor een gewone watertoren. In 1970 werd begonnen met de bouw op het terrein aan de Anton Coolenlaan. Het jaar daarop werd de toren in gebruik genomen.

Op maandag 8 november werd de met vlaggetjes versierde toren met een fles champagne gedoopt door staatssecretaris Stuyvenberg, die in 1967 in de hoedanigheid van wethouder Financiën en Bedrijven betrokken was geweest bij de planontwikkeling. Op de toren waren voor de gelegenheid scheepstoeters gemonteerd die, met de vlaggetjes en de fles champagne, het maritieme karakter van de opening onderstreepten. De toren was namelijk gemaakt door de Nederlandse Dok- en Scheepsbouwmaatschappij, NDSM.

Reactie plaatsen

Naam

E-mail

Bericht

Reacties worden geladen...
Ontdekken
Paterslaan
Roy Beerens
Zuigelingenzorg in het begin van de twintigste eeuw.
images/hourglass.png

ZOEKEN...