10352 Wollenstoffenfabriek NV, voorheen A. van den Heuvel

Categorie: Industrie, Handel en Dienstensector
Datering: 1822-1981

  • INLEIDING

    Een van de oudste industrieën te Geldrop is de Wollenstoffenfabriek NV voorheen A. van den Heuvel en Zoon. Een precieze oprichtingsdatum kan niet gegeven worden, daar het bedrijf is voortgekomen uit de activiteiten van de fabrikanten Willem van den Heuvel (1764-1844) en Adrianus van den Heuvel (1794-1854). Als stichtingsdata worden genoemd 1783 en 1816. Dit zijn de jaren waarin Willem en Adrianus aanwijsbaar in de kohieren zijn aangetekend als zelfstandig "Fabrikeur". In 1820 ging Adrianus van den Heuvel met zijn zwager Henricus Eijcken een vennootschap aan onder de naam Firma A. van den Heuvel en H. Eijcken. In 1854 werd deze vennootschap ontbonden. Bij de scheiding en deling van de onroerende goederen en activa verwierf Adrianus de oorspronkelijke fabriek, zodat hij als enige eigenaar het bedrijf kon voortzetten onder de naam Firma A. van den Heuvel en Zoon. Ook de officiële oprichting van het bedrijf in het jaar 1854 door de firmanten Adriaan, Vincent, Piet en Jozef van den Heuvel kan dus als stichtingsdatum worden aangemerkt. De fabriek legde zich speciaal toe op de fabricage van wollen en halfwollen stoffen. Het bedrijf specialiseerde zich in de vervaardiging van boezel en rokstrepen en was gedurende enige tijd de enige fabriek die deze artikelen kon leveren. Later werden nog laken, kamgaren, caviots, waterproofs, bukskin en wollen stoffen gefabriceerd. Alle fabricageprocessen zoals spinnen, verven, weven en appreteren van de wol vonden in het eigen bedrijf plaats. Het grootste aantal werknemers binnen het bedrijf bedroeg ongeveer 200, buiten het gebouw waren er tot het jaar 1920 nog talrijke thuiswevers en thuiswerkers voor de firma werkzaam. De groei van het bedrijf bracht een voortdurende uitbreiding van het fabriekscomplex met zich mee. In 1909 werden 4 productiehallen gebouwd en in 1929 werd een nieuw kantoor gerealiseerd. In 1913 werd de firma omgezet in een NV onder de naam NV Wollenstoffenfabriek v/h A. van den Heuvel en Zoon te Geldrop.

    Een succes van de firma was voornamelijk te danken aan de bereidheid om steeds te blijven investeren in nieuwe technieken en krachtbronnen. Omdat de familie Van den Heuvel eigenaar was van de Geldropse watermolen werkte de fabriek oorspronkelijk alleen met waterkracht. De eerste stoommachine ten behoeve van de aandrijving van spinmachines werd in 1865 aangeschaft. Elektriciteit werd, tot de aansluiting van Geldrop op het provinciale elektriciteitsnet in 1919, vanaf 1882 door eigen dynamo's opgewekt. Na de Eerste Wereldoorlog, toen vooral kleine en nieuw gestarte textielfabrieken met afzetproblemen te maken kregen had de NV Wollenstoffenfabriek A. van den Heuvel en Zoon de wil en het vermogen om te kunnen investeren in bedrijfsgebouwen. In 1923 werd een ververijgebouw, in 1927 een kantoor en in 1928 een nieuwe twijnerij. In de crisistijd kreeg het bedrijf door exportbeperkingen en door het gedevalueerde engelse pond met afzetproblemen te maken, die niet goed gemaakt konden worden door productie voor de binnenlandse markt. Hoewel ontslagen op grote schaal vermeden konden worden, werd de werkdag in 1931 teruggebracht tot 9,5 uur. De oorlogsjaren konden overbrugd worden door militaire opdrachten en een aangepaste productie die gebruik kon maken van grondstoffen, die voor het merendeel uit lompen afkomstig waren. Het bedrijf maakte in de jaren na de oorlog meegetrokken door de economische "boom", nog een boeiperiode mee. De algemene crisis in de wollenstoffenindustrie brak uit op het eind van de jaren vijftig. Veranderingen in het consumptiepatroon, het gebruik van synthetische vezels, de verstarring binnen de familiebedrijven, die gehinderd door het succes van een eeuw ondernemen de bakens niet meer konden verzetten, buitenlandse concurrentie, de hoogte van de lonen en het onvermogen om vreemd kapitaal aan te trekken, waren even zovele factoren die de rentabiliteit zo zwaar onder druk zetten dat er structureel verlies werd geleden.

    Een ultieme poging werd nog ondernomen om een nieuwe richting uit te gaan door specialisatie en het uitbesteden van bewerkingen, waarvoor de eigen capaciteit eigenlijk te ruim en te duur was voor de eigen behoefte, zoals in 1964 door het afstoten van de spinnerij. Juridisch werd het bedrijf in 1975 omgezet in een BV met een splitsing in een beheersmaatschappij voor het vermogen in onroerend goed en een werkmaatschappij voor de productie. Plannen werden gemaakt voor het bouwen van een moderne rationele fabriek op een industrieterrein met verkoop van de terreinen en opstallen aan de Molenstraat. Alle investeringen waren echter gezien het ongunstige klimaat het spannen van een paard achter de wagen. In 1979 oefende het bedrijf zelf geen activiteiten meer uit. In 1980 werd de productie overgebracht naar Veldhoven om d.m.v. een fusie met de Nederlandse Kamgarenweverij de werkgelegenheid te continueren. Maar na één jaar viel het doek definitief voor het bedrijf, dat zo lang verankerd was geweest in de Geldropse samenleving.

    Op 5 februari en 14 juni 1979 werden, volgens de bewoordingen van de archivaris C.H.A.M. van Bokhoven, belangrijke stukken van het bedrijfsarchief opgehaald. Mededelingen over locatie of omstandigheden ontbreken verder. In 1979 werden de stukken opgeslagen op de zolder en in de kelder van de afdeling bevolking van de gemeente Geldrop. In 1982, na opgelopen vochtschade, werden de stukken overgebracht naar het streekarchief te Eindhoven, waar de archivalia werden gedroogd en ontschimmeld door middel van een vergassingsprocédé. Zo nodig werden al te beschadigde en natte banden verwijderd. Het archief werd overgebracht vanuit Geldrop als onderdeel van de collectie Gedeponeerde archieven (nrs 45 en 47). Het kon niet uitblijven of het archief raakte vermengd met de andere bedrijfsarchieven. In sommige gevallen was het mogelijk aan de hand van interne criteria of uiterlijke kenmerken de verwarde boekhouding weer bij elkaar te voegen en series te vormen. Als anekdotisch detail kan hier naar voren worden gebracht dat de boekhouders van het bedrijf tot ver in de twintigste eeuw het vrome gebruik in ere hielden om de afkorting A.M.D.G. ("ad maiorem dei gloriam") op de eerste bladzijde van hun boekhoudregisters te stellen, zodat hierin een onbetwijfelbaar kenteken gezien mocht worden om deze stukken te plaatsen bij het bedrijfsarchief A. van den Heuvel. Het is duidelijk dat er in de archiefrestanten, die in een late reddingsoperatie uit het leegstaande kantoor werden gehaald, geen enkel consistente opbouw meer zat. De stukken zijn voor zover dit toepasbaar was gereconstrueerd naar de opbouw van een modern bedrijfsarchief. In 2005 werden belangrijke stukken verworven van de heer R.H.A. van den Heuvel te Goirle, de laatste directeur. Het betrof een bijna ononderbroken serie balansen vanaf het vroegste begin tot het eind. Daarnaast veel stukken op directieniveau, over de aandeelhoudersvergaderingen, raad van commissarissen en de beheersmaatschappij.

  • 1     Oprichting, fusie, faillissement, opheffing etc.
  • 2     Organisatie
  • 3     Kapitaal
  • 4     Bedrijfsgebouwen
  • 5     Personeel
  • 6     Machines en kapitaalgoederen
  • 7     Inkoop
  • 8     Productie
  • 9     Verkoop
  • 10     Boekhouding
    • a     Balansen
    • b     Grootboeken en journalen
    • c     Debiteuren en crediteuren
    • d     Bedrijfsadministratie
      • 99     Kasboek voor de uitgaven aan kantoorbenodigdheden en vrachtkosten
        Datering1949-1952
        Uiterlijke vorm1 deel
      • 423     Diverse financiele overzichten (omzet, liquiditeit, winst en verlies, salarissen)
        Datering1961-1974
        Uiterlijke vorm1 omslag
  • 11     Reclame en documentatie
Ontdekken
Lambert Verkuijlen
Het kasteel van Helmond in de negentiende eeuw.
images/hourglass.png

ZOEKEN...